dinsdag 18 augustus 2015

Dagelijkse kost

Het is grappig eigenlijk om zien hoe snel je aan iets went of iets als 'normaal' beschouwt. Dingen die ik me maandenlang niet kon voorstellen, zijn nu mijn 'dagelijkse kost' geworden. Laat ik jullie even meenemen in de wereld van de Afrikaanse Bush.

Hoewel ik eerder beweerde dat er geen routine bestaat hier, zijn er logischerwijs wel een aantal dingen die er elke dag zijn. Maar ze zijn elke dag een beetje anders. Bv opstaan. Een wekker heb ik hier niet nodig. Mijn huisje staat op 100m van het huisje van de familie op wiens kinderen ik hier pas. Meestal vertrekt één van hen heel vroeg (rond zes uur) en de ander blijft nog iets langer. Ik wordt meestal wakker rond een uur of zeven. Soms van de zon die opkomt, soms van het getsjirp van 100-den vogels die elkaar de loef willen afsteken of soms van eekhoorns die tikkertje spelen op mijn golfplaten-dak. Af en toe van een luid nijlpaard en soms ook doordat ik de twee bengels 100m verder hoor roepen. 'Sofieieie!!!!' Off I go! Tijd is hier dus flexibel, net als heel wat andere dingen dat zijn.
Mijn huisje!
Onze huisjes staan wat verder van het kamp. Je hebt het hoofdkamp, Machaba Camp, met de luxe tenten voor de gasten en achteraan de keuken en bureau. Je hebt een soort dorpje waar de staff woont en je hebt Little Machaba. Dat wordt ooit een tweede kamp, maar nu staan er slechts drie huisjes. Eén van de managers (de familie met de kindjes waarop ik pas), één van mij en naast mij staat een huisje waar momenteel niemand woont.

 

De meeste tijd breng ik door met de kinderen en dan vooral in Little Machaba. Soms wandelen we naar het kamp (een wandeling van nog geen tien minuutjes, maar met twee kinderen die vlinders vangen duurt dat gemiddeld een half uurtje) om iets te gaan eten, mama te gaan vertellen dat we een vogel gevangen hebben (serieus!), even te gaan zwemmen of 's avonds aan het kampvuur te gaan zitten (dat laatste is dan na de game drive als er geen gasten zijn). Want in het kamp zijn, buiten luxe tenten voor de gasten, een keuken met lekker eten en een bureau waar af en toe internet is, ook een kampvuurgrond die uitkijkt op de rivier en een zwembad dat uitkijkt op 'hippo beach'. Aan de kampvuurgrond staat een grote tent waar 's morgens ontbeten en 's middags geluncht wordt en je kan er ook in een soort lounge een boekje lezen. Er is een bar en in het midden staat een grote boom waar 's avonds lantaarns in gehangen worden. Hoe vaak ik er ook eet, het blijft prachtig. Ook het zwembad is geweldig. Een rond zwembad met een houten terras en ligzetels die in de schaduw staan van enkele bomen en parasols. Er is nergens in het kamp een omheining behalve veiligheidshalve rond de keuken. Je kan dus zwemmen en 20 meter verder nijlpaarden zien zwemmen of liggen zonnen. Ook olifanten komen er af en toe een wandelingetje doen. Aan de kampvuurgrond zie je ook vaak enorm veel dieren. En dat vond en vind ik het meest bijzondere. Je leeft letterlijk en figuurlijk tussen de dieren, want 's nachts (en soms ook overdag) wandelen ze gewoon door het kamp. Af en toe verschieten, maar enorm imponerend. 


Nala (5) en Kahn (3), de twee bengels van dienst, zijn echte bushkinderen. Ze doen niets liever dan vlinders of vogels vangen, in het zand spelen tot ze zwart zien of spelen dat ze 'leopard-cups' zijn. En dan eten ze hun appel uit een bordje op de grond of likken ze hun melk op. Als ik hen enthousiast olifanten ofzo aanwijs dan kijken ze soms even op. Nala zei een paar dagen geleden: 'Sofie, ik heb nog nooit een poes gezien.' Tja... Bushkinderen! En als ze een beetje moe zijn... dan is er altijd nog de iPad. Ze kregen dus hier en daar ook wel een stukje westen mee al gaat hun voorkeur doorgaans nog steeds uit naar slakken zoeken of baby vogeltjes vangen. Het zijn ook kindjes met eigen wil (gelukkig ben ik dat gewend), maar echt schatjes! Als iets hen niet aanstaat, dan heb je dat geweten. Maar ze komen bv. ook meteen tegen mij aangekropen als ik me 's morgens vroeg bij hen in de zetel zet of 's avonds na hun bad.

Hun ouders zijn van 's morgens tot 's avonds in de weer voor het kamp. Want ook al zijn er maximum 24 gasten, er zijn ook 40 medewerkers die aangestuurd moeten worden en bij het runnen van zo'n kamp komt heel wat bij kijken. Dat is me alvast wel duidelijk. Vaak is de enige quality time op zo'n dag tijdens de game-drive die telkens rond vier uur half vijf is. Dan ga ik mee met de familie en meestal nog één of twee medewerkers. Alle gasten hebben hun eigen gids die met hen op game drive gaat, dus op dat moment heeft even niemand hen nodig. Hoewel, af en toe moeten we vroeger terug omdat er ergens een brandje geblust moet worden. Niet letterlijk, al is dat hier net voor mijn komst wel al eens gebeurd waardoor een stuk bush afgebrand is. Het ziet nog steeds helemaal zwart (al komt er hier en daar alweer groen gras piepen) en volgens de kinderen komt dat doordat er een draak wat ziek was en heel hard moest niezen. Gelukkig is hij ondertussen beter...


Na de game-drive zet ik de kinderen in bad, zorg ik dat ze eten hebben (wordt meestal gebracht, maar soms is een boterham met choco minstens even goed) en steek ik ze in hun bed. Of één van hun ouders doet dit en ik vergezel de andere om samen met de gasten te gaan eten. Ook wel eens leuk! Lekker eten en je wordt in de watten gelegd en bediend. Eens iets anders dan de gesprekjes met de kinderen, hoe lief die ook zijn en hoe veel fantasie die ook hebben (veel!). Soms wil dat dan wel zeggen dat je pas laat in je bed ligt, want even naar huis wandelen zit er in het donker niet in. Te gevaarlijk. Je moet dus wachten tot alle gasten naar hun tent zijn gegaan om naar huis gebracht te worden.

Veel lezen of schrijven (buiten af en toe een blogberichtje) heb ik hier nog niet gedaan. De bush en zijn bewoners (en dan vooral de kleinste daarvan) eisen doorgaans te veel aandacht van me op. De dagen vliegen voorbij, net als de prachtige vogels hier (sommigen hebben echt alle kleuren van de regenboog). En hoewel dit nu mijn dagelijkse kost is... ik weet niet of je een olifant of een hyena voor je deur ooit 'normaal' zal kunnen vinden. Gelukkig maar.

zaterdag 15 augustus 2015

Een rookie in 'the bush'

Ik heb een hekel aan routine. Altijd al gehad en ik denk niet dat het ooit weg zal gaan. De dagelijkse sleur was thuis misschien wel mijn grootste vijand. Ik hou van nieuwe dingen, van uitdagingen, van afwisseling en de meest uiteenlopende ervaringen. 
En wat dat betreft zit ik hier alvast goed. Al zou je kunnen zeggen dat elke dag op game drive (safaritocht met de jeep) gaan technisch gezien ook een soort routine is. Niets is echter minder waar. Niet één game drive is hetzelfde of komt er zelfs maar in de buurt.
Ik zag al een giraf die ging drinken, een troep olifanten die de kleintjes beschermen en afschermen en van hun oren maken (letterlijk en figuurlijk) als we te dicht komen, een kudde waterbuffels (veel stof en geduw, weinig vastberadenheid of plan), een luipaard  met haar baby die zo kalm is dat je haast zou vergeten dat het een dodelijk gevaarlijk dier is, een krokodil die ligt te zonnen op de oever en het water in glijdt bij het minste geluid, nijlpaarden die boven komen piepen en met hun oren draaien of liggen slapen op 'hippo beach', gieren die een karkas gevonden hebben of wilde honden die op jacht zijn en voor de auto uitlopen. Moeilijk routine te noemen... 


Laat me een voorbeeld geven. Na die geweldige eerste dag werd ik 's morgens wakker en zag ik vanonder mijn dikke donsdekens (jep meervoud, het is hier nog steeds winter!) de zon opkomen. Hoewel de kou mij in eerste instantie in bed hield won mijn nieuwsgierigheid het uiteindelijk toch. Ik wandelde door het kamp en ontdekte zo dat de kindjes waarop ik zou gaan letten aangekomen waren.  Het begon dus 'voor echt' nu. Toen ik binnen kwam kreeg ik meteen een spontane knuffel van Nala ( de oudste van de twee met haar vijf jaar oud). Khan bleef nog even wat meer op afstand en stak trots drie vingers op. Ik kreeg een nieuw onderkomen in Little Machaba, een beetje verder van het hoofdkamp (nog geen 10 minuten tenzij je Nala en Khan mee hebt, dan is het minstens een half uur want in elke struik kan een vlinder zitten om te vangen...). Iets minder luxueus, maar voorzien van alle nodige comfort. Mijn eigen douche, lavabo en wc, een bed met een heerlijk zacht donsdeken, twee zetels en een kast. Het uitzicht van de tent mis ik wel een beetje, maar voor de rest zit ik hier prima!

Na mijn eerste dag op Nala en Khan passen vertrokken we iets na vier op game drive. We zagen zebra's, nijlpaarden, enorm veel olifanten en toen we terug kwamen, blijkt dat er net toen een luipaard met een baby luipaard en hun prooi (een waterbok) gezien was. Shaun (papa van Nala en Khan) is een 'die hard bush photographer' dus besloot hij 's avonds in het donker opnieuw op game drive te gaan op zoek naar Matsebe (om de één of andere reden kreeg dit luipaard van de plaatselijke bevolking een naam) en ik mocht mee! Samen met Carl, uncle Sidney en Ben trokken we er dus op uit. Spannend! Het is me een raadsel hoe iedereen hier de weg vind, want overal zijn kronkelweggetjes en hoewel sommige stukken er helemaal anders uitzien dan andere, lijkt alles hier toch ook hetzelfde. En 's nachts de weg vinden, lijkt me helemaal onmogelijk.
Na een kwartiertje rijden kwamen we aan een grote boom en daar lag ze. Onderaan de boom op de grond. Toen we kwamen aanrijden, keek ze even loom op en ging meteen weer slapen. 'Oh het zijn jullie maar...', leek het wel. Haar kleintje lag ergens hoog in de boom op een tak en aan de andere kant hing een dode waterbok over een tak. Hun maaltijd, veilig in de boom zodat niemand erbij kon. In de verte hoorden we hyena's roepen. Een ongelofelijk geheel...


Ik was echter nog niet echt aangepast aan het leven hier en alles wat daarbij komt en dus had ik natuurlijk de verkeerde lens bij. Maar geef toe, voor een rookie én een foute lens toch niet al te slechte foto's hé?

Om een uur of acht 's avonds waren we vertrokken en een paar uur later was ik bek af en verkleumd. Ik was me er toen nog niet ten volle van bewust, maar als ik zeg dat Shaun een 'die hard bush photographer' is dan mag je dat letterlijk nemen. Om twee uur 's nachts lag ik in mijn bed. We hadden dus zes uur luipaarden gespot. Zes uur! Met ijskoude voeten, doodmoe maar ook helemaal tevreden ben ik meteen in slaap gevallen toen mijn hoofd het kopkussen raakte. Routine, dat kennen ze hier niet in de bush. Ideaal!

vrijdag 7 augustus 2015

Eerste keren...

Ik ga thuis veel eerste keren missen. Lola's eerste echte woordjes (buiten mama, papa en 'meh' = melk). Bo's eerste keer naar de 'grote school'. De eerste keer dat Fil en Senna niet meer samen in de klas zullen zitten. Mijn zus die misschien voor de klas zal staan voor de eerste keer. Ja, ik ga heel wat missen.

Maar eerlijk is eerlijk. Ik ga ook zoveel dingen niet missen. Werken, dagelijkse sleur, koude, grijze regendagen en kapotte sifons om maar enkele dingen te noemen. 

En ik ga zelf zoveel eerste keren ervaren. Hoog in de lucht een blogbericht schrijven bijvoorbeeld. A first! Mijn eerste stap op Afrikaanse bodem (ik tel Egypte en Tunesië even niet mee) een feit. Ik at voor het eerst een pizza op bed in een hotelkamer terwijl ik buiten in de schemer nog net het silhouet van enkele antilopen en een struisvogel kon ontwaren. De eerste Afrikaanse winternacht overleefde ik met twee warmwaterkruiken onder de dekens. Ik at voor het eerste een vliegtuigmaaltijd die me echt smaakte. En ik werd welkom geheten door een gezellige stewardess die mijn trui (een simpele fleece) prachtig vond maar vooral zelf maatje 50 ofzo had. Nooit eerder gezien! Ik kreeg ook mijn eerste visitekaartje voor als ik in de problemen zou raken van een complete vreemde waar ik mee aan de praat raakte op het vliegtuig. En ik werd voor de eerste keer opgewacht op een vlieghaven door iemand met een blad waar mijn naam op stond. 


En dat was nog maar het begin. De eerste 'onderweg-dagen'.

Maar eerlijk is eerlijk, ik kreeg ook reeds mijn eerste kleine teleurstelling te verwerken toen ik in Maun aankwam. Ik zou pas de dag nadien vertrekken richting Machaba Camp en ik werd in een backpackershostel gedropt nadat ik in de supermarkt wat eten was gaan inslagen. Er was daar namelijk geen restaurant ofzo noch een keuken waar je zelf kon koken. Ook geen internet of mooi uitzicht met een hangmat ofzo. Gewoon een kamertje. 
Dus die avond zat ik in dat klein kamertje aan een klein bureautje voor een kleine spiegel en at ik brood, komkommer en tomaat. In het donker trouwens want de electriciteit was uitgevallen. Ik ging vroeg slapen omdat er toch niet zo heel veel anders te doen was en in het midden van de nacht werd ik plots wakker omdat de grote ventilator aan het plafond begon te draaien en het licht aan sprong. 's Morgens was het mijn verjaardag. Ik had een extra muffin gekocht als verjaardagstaartje en het kaarsje verzon ik er zelf bij. Dat werd dus mijn ontbijt. Nadien stond ik, zoals afgesproken, om 9u te wachten op de auto die me zou komen oppikken. Ik leerde toen wat 'african time' betekent. 


Drie uur later zat ik in de jeep richting Machaba Camp en zag ik huisjes waar de muren gebouwd waren van cola blikjes en flesjes, koeien en ezels die eten zochten tussen het vuilnis en achteloos de straat op wandelden en mensen die zwaaiden naar ons. Het werd alleen maar beter, want toen we het laatste dorpje achter ons lieten en de bush in reden zag ik zebra's, giraffen, olifanten, een arend, impala's en nijlpaarden. En dat was enkel de rit naar het camp! Zoveel eerste keren.


Aangekomen bleek dat de familie waarbij ik zou gaan helpen met de kindjes er nog niet waren en dus kreeg ik een luxe tent zodat ik niet alleen in Little Machaba moest slapen. Je hoort me niet klagen! Na een zalige douche (in het donker de avond voordien zag ik dat niet zo zitten) wandel ik door de tent terwijl ik mijn haren droog en wat zie ik buiten? Twee nijlpaarden die een badje pakken net voor mijn tent. Ongelofelijk. And a first for sure! 


Wat later wandel ik door het kamp en aan de bar en de eetplaats is er zicht op de river Kwai en zie ik olifanten en nog meer nijlpaarden. Alsof het de gewoonste zaak van de wereld is. Wat ik wil drinken tijdens de game drive? Euhm? Zeg maar iets, alles is er. 
Dus even later zit ik in een open jeep met een glas wijn (dat ik probeer recht te houden al rijdend door de bush) en verbaas ik mij over zoveel dieren. Apen, olifanten, een giraf die gaat drinken en daarvoor zijn poten mijlenver uit elkaar moet zetten. Nog nooit gezien...
En alsof dat nog niet genoeg is, mag ik 's avonds mee aanschuiven aan de gastentafel en krijg ik een geweldige driegangenmaaltijd geserveerd met bijpassende wijn. 
Na nog wat babbelen hier en daar krijg ik een warmwaterkruik mee naar bed en escorteert iemand me naar mijn tent. Ik vond dat wat overbodig (zover was mijn tent niet), maar toen er 30 sec later een enorme olifant de ingang van mijn tent blokkeerde was ik toch blij dat ik daar niet alleen stond met mijn petzl. 

Mijn verjaardag die begon met een cupcake en een ingebeeld kaarsje in een kamertje met stroompanne eindigde met versgemaakte apple crumble en een donzen bed in een luxe tent met op de achtergrond de geluiden van de bush. 
Eerlijk is eerlijk, al die eerste keren: ik had de beste verjaardag ooit! 

maandag 1 juni 2015

De relativiteitstheorie

Nog twee maand. Op de kop. Tijd is relatief, want als ik 'nog twee volle maanden' zeg, dan klinkt dat nog meer dan lang genoeg . Massa's tijd om voor te bereiden, afscheid te nemen en leuke dingen te doen. Veel te ver om al af te tellen. Langs de andere kant klinkt 'nog maar twee maandjes' alsof ik dat alles al lopend en onder serieuze tijdsdruk zal moeten gedaan krijgen. Zweten en toch bijna tijd voor paniek!

En die twee kanten wisselen zich soms af met de snelheid van het licht. Wanneer er bij wijze van voorbeeld even teveel vragen komen waar ik (nog) geen antwoord op weet, dan lijkt de tijd plots immens te krimpen. Soms gaat dat echter ook zonder aanwijsbare reden. Dan sta ik op met de illusie dat ik nog zeeën van tijd heb om even later de dokter te bellen en een afspraak voor inentingen vast te leggen. Diezelfde dag nog, want ik ben bijna weg!

Overal liggen to-do lijstjes met de meest uiteenlopende opdrachten. Dat gaat van het uitmesten van de kelder en een rommelmarkt plannen tot het aankopen van reisliteratuur, wereldstekkers en een speciale toiletzak die je op kan hangen. Ik moet nog een resem inentingen krijgen, een check-up bij de tandarts vastleggen, een volmacht voor de post gaan halen, met ambassades bellen, mijn appartement 'verhuurklaar' maken. Serieus, het lijkt wel alsof er dagelijks meer to do's bij komen dan dat er verdwijnen!

Niet alleen de tijd tot mijn vertrek is relatief, ook de tijd van de trip zelf. Een jaar lijkt een eeuwigheid. Ga ik dat wel trekken zo lang? Ga ik alles en iedereen niet vreselijk missen? Maar als ik dan begin in te vullen: drie maand Botswana, paar weken Zuid-Afrika, Thailand,... dan is het plots veel te kort! Er is zoveel dat ik wil zien en waar ik naartoe wil. Tibet staat op mijn lijstje, Vietnam, Myanmar, Indonesië, Cambodja, enz. Maar eigenlijk wil ook graag naar Panama, Costa Rica, Peru en Bolivia. Of naar Nieuw-Zeeland. En daar op een paardenranch gaan werken. Zoveel dromen. Die krijg ik nooit allemaal in een jaartje gepropt!

Maar misschien moet ik mindfulnessgewijs maar gewoon terug naar nu gaan. Naar de vorming die ik morgen moet geven. Of mijn eindwerk dat ik volgende week nog officieel moet voorstellen. Naar de les schrijven donderdag en het weekendje Ardennen de dag nadien.

En wat de trip betreft. Als ik nu daar ook gewoon eens begin bij het begin?  Dan is er eerst dit:


Machaba Camp in Botswana. Ik trek naar de prachtige Okavango Delta. Naar natuur met een grote N. Ik ga olifanten, nijlpaarden en giraffen zien. Ik ga foto's trekken die zo uit een boekje komen en dat heeft dan meer te maken met het prachtige Afrika dan met mijn fotokunsten (al heb ik die zoals gezegd wel bijgeschaafd!). Misschien ga ik ook wel een slang of een schorpioen in mijn bed vinden (of ik dat nu vreselijk spannend vind of net toch een beetje eng, daar ben ik nog niet uit). Ik ga dingen zien die ik in mijn hele 34-jarige leven lang nog nooit gezien heb. Ik ga drie maand meeleven met een familie 'in the bush' in Afrika. Ik ga genieten. Zo enorm hard genieten. Eigenlijk doe ik dat nu al. Gewoon door er aan te denken en weg te dromen bij de foto's.





Want zeg nu zelf? Wie droomt hier nu niet bij weg? Tijd is relatief. Dromen, reizen en het leven in the bush zijn dat allerminst. Was het al maar twee maand verder.

woensdag 18 maart 2015

A cup of tea

Telkens weer ben ik verbaasd hoe de dagen een aaneenschakeling van ups en downs kunnen zijn. Zoals de grafiek van een hartslag. En meteen komt dan bij me op: Als er geen ups en downs zijn, ga je dan dood? Ik denk het wel. Een beetje toch.
Het kan natuurlijk ook een trucje van je hoofd zijn om de slechte dagen te tolereren. Of een drogreden die je maar al te graag wil geloven, omdat je anders stevig aan de slag moet. Maar hoe langer ik erover nadenk, hoe zekerder ik ben: ups en downs zijn des mensen en des leven.

Ik had een stevige 'up' tijdens mijn laatste tripje. Ik trok voor een tweede keer in twee maanden naar Engeland dankzij mijn uitgesproken talent om tickets te kopen voor een niet gepande datum. Een talent dat doorgaans voor problemen zorgt, maar af en toe gewoon extra tripjes oplevert. De geplande '2' voor de terugweg werd per ongeluk een '3' en dus stak ik in maart nog een keer het water over. Vermits ik mijn geweten een beetje moest sussen (ik ben tenslotte aan het sparen), zocht ik naar een goedkoop alternatief voor de heenweg en vond die in de vorm van een busrit. 9€ daar kan je niet voor sukkelen. Dus op een woensdagavond wandelde ik de hoek om en stapte drie straten verder de bus op. Het plan was om de volgende morgen iets voor zes in Londen van diezelfde bus te stappen.

Na een nacht in allemaal kleine stukjes gekapt, schoot ik wakker omdat de buschauffeur in een onverstaanbare taal iets door de micro mompelde waarvan ik enkel het woord 'Londen' begreep. De slaap uit mijn ogen wrijvend, zocht ik al mijn spullen bij elkaar en stapte af. De bus reed meteen weg en daar stond ik dan: slaapdronken ergens in een straat in... Londen? Het was koud en nog donker en ik was letterlijk én figuurlijk een beetje van de kaart. Automatisch begon ik te wandelen. In het begin enkel en alleen om het warm te krijgen en om 'iets te doen', want al die andere mensen leken een plan te hebben. De ene al een beter (een taxi aanhouden) als de ander (aan de overkant van de straat gaan staan). Ik had dus geen plan. Toen ik even mijn klok checkte, was ik plots klaar wakker: 4:30!!! Wàààt?! Voor die ene keer dat te laat aankomen echt helemaal niet erg zou zijn, was die rotbus meer dan een uur te vroeg. Zoals ik al zei... ik heb een talent voor van die dingen. Zucht!

De dag voordien had ik in een impuls een cursus fotografie in Londen geboekt. Ik wilde eens iets anders doen. Een uitdaging. Daar had ik op dat moment toch een ietsiepietsie klein beetje spijt van. Ik wilde maar één ding en dat was mijn bed. Uitdaging genoeg na een nacht van pakweg vier uur verdeeld in blokjes van 20 minuten. Jammer genoeg had ik met mijn gastvrouw van dienst pas om 8 uur afgesproken en ik durfde haar echt niet bellen of sms-en om half vijf 's morgens. En ook niet om half zes. Of half zeven. Het werd dus een uitgerekte 'ochtend' met ijskoude tenen, veel thee en een dubbeldekbus voor mij alleen.
Om half acht (toen durfde ik wel bellen) stond mijn gastvrouw in kamerjas voor mij en vroeg ze: 'A cup of tea?'. Met tas thee nummer vier nog voor acht uur 's morgens zat ik op de rand van het bad in een ijdele poging om mijn voeten te ontdooien. En na een verlangende blik op het heerlijk zachte bed, trok ik mijn stoute schoenen aan en trotseerde ik opnieuw de Londense wirwar van Harry Potter-bussen en 'muggles'.
'Where ever you need to be in London, it always takes one hour.' wist de vrouw in kamerjas. Dus een uur voor de start van de cursus was ik onderweg. Ze had overschot aan gelijk, want ondanks mijn onfeilbaar innerlijk compas, stond ik een uur later nog naar een onduidelijk kaartje te staren. Met een kleine vertraging en een hulplijn, kwam ik nog net voor het academische kwartiertje ten einde was aan in de klas.

'Sofie from Belgium, you made it! A cup of tea?' verwelkomde de leraar mij vrolijk en enthousiast. Ik had geluk, want dat enthousiasme zorgde ervoor dat ik veel bijleerde én er zonder enig probleem in slaagde wakker te blijven gedurende de volgende 7 uur. Ik sloot de les op het feedbackpapier dan ook met diezelfde woorden af en schreef er nog bij dat ik ook wel graag in Londen zelf foto's was gaan trekken, want we zaten wat buiten het centrum en ik moest toch een beetje kritisch zijn? Diezelfde avond nog kreeg ik een berichtje van de enthousiaste leraar himself om me te bedanken dat ik niet in slaap gevallen was en hij stelde meteen voor om dan maar eens foto's in Londen te gaan trekken. Of in Brussel. Blijkbaar was ook ik enthousiast geweest...


Het was een 'up'. Een lange en fijne 'up'. En dat troost me tijdens de huidige 'down-daagjes' en geeft me het vertrouwen dat vroeg of laat de volgende up weer voor de deur zal staan. Want ups en downs, zo gaat dat. Die horen bij het leven als 'a cup of tea' bij Londen.

woensdag 18 februari 2015

Post voor het hiernamaals...

Zou er iemand zijn, die achter zijn bureau zit en zich dagelijks buigt over het scenario van ons leven? En zou er dan ooit een vacature voor zijn functie uitgeschreven zijn? Gezocht: m/v met een vlotte pen, een wispelturig en eerder zwaarmoedig karakter en een ongebreidelde fantasie die niet gespeend is van enige vorm van empathie. Verder verwachten we dat u willekeur, onvoorspelbaarheid en ironie hoog in het vaandel draagt.

De ene dag vertel ik mijn therapeute dat het eigenlijk goed met me gaat. Ik vertel haar over mijn reisplannen en merk bij mezelf dat ik weer meer energie heb. Wanneer ik buiten kom, is mijn fiets gestolen. Wat een flauwe plottwist.
Wat later maak ik afspraken met mezelf. Ik ga me niet laten bepalen door die wispelturigheid van u, meneer de scenarioschrijver. U wist dat mijn fiets me dierbaarder was dan pakweg mijn tablet of andere materiële dingen, dat het mijn vrijheid was en dat ik er oprecht aan gehecht was. Nee, ik besluit dat ik het heft in eigen handen neem en mijn eigen scenario ga schrijven. Ik beslis de wijde wereld in te trekken en we zien wel wat er gaat komen. Dat schrijf ik zelf wel verder!

Kwam ik teveel in uw vaarwater meneer de scenarioschrijver? Voelde u de concurrentie?

Telefoon. Tante Jaja is gestorven. Zomaar ineens. Ik begrijp er niets van... Met tranen en comfort food zat ik maandag in de zetel. Tranen van spijt omdat ik je nog zoveel wilde zeggen, tranen die niet kunnen vatten dat je er niet meer bent. Tranen om mooie herinneringen van scrabble en kaartspelletjes, bloemen, rollerblades, mailtjes en facebook. Bij scrabble nam je het niet zo nauw met de regels (deed je dat eigenlijk ooit wel?). Als je't zelf een woord vond, was het prima! Lien en ik noemden je vroeger tante Roosje en wij werden Margriet en Flora. Namen veranderen dat mag als je met bloemen werkt. Je leerde ons de fijne knepen van het 'bloemschikvak' en ook kaartspelen kregen we snel onder de knie. Op een familiefeest trok je zelfs ooit onze rollerblades aan met grote hilariteit als gevolg.
Je had een 'je m'en fous'-gehalte waar ik grote fan van was, een gezonde portie humor en een interesse in alles wat je niet kende. Facebook was daar een voorbeeld van, want hoeveel 87-jarigen kunnen zeggen dat ze een facebookprofiel hebben? Ook mijn blog volgde je op de voet. Dagelijks checkte je of ik iets geschreven had en als het te lang duurde kreeg ik steevast een mailtje: 'Hoe zit het, Sofie?'. Je vergat geen enkele verjaardag, meer nog, je was meestal te vroeg. Misschien had je het concept 'mail' toch niet helemaal mee? Jij was vaak mijn motivatie om weer te schrijven, ook als dat moeilijk was door Jelle en dankzij jou startte ik een schrijfcursus. Je had me immers gezegd: 'Ik wil uw boek nog kunnen lezen voor ik sterf'.

Slik. Daar is die ironie weer.

Verdekke meneer de scenarioschrijver, waarom? Was uw eigen scenario wat in het slob geraakt? Of zit u zelf met een burn-out? Waarom liet u iemand kanker overwinnen om haar dan zo plots weg te trekken?
Ik had je nog zoveel te zeggen. Hoe komt dat toch? Dat de tijd je telkens weer schijnt in te halen? Ik wilde nog eens komen scrabbelen. Je moest het allereerste exemplaar van mijn boek krijgen. Wat een cliffhangers en wat een rollercoaster.


Lieve tante Jaja, doe oma de groeten en Jelle als hij daar is. Het ga je goed... Je zult gemist worden en ik koester de mooie herinneringen aan jou. Nu nog even met tranen en spijt als het niet geeft. En dat boek, als het er ooit komt, dan stuur ik wel een exemplaartje op. In mijn scenario kan dat.

zondag 15 februari 2015

All things are possible

De zon scheen en ik wandelde vanmiddag met een boekje door de straten van Antwerpen-Noord op zoek naar een geschikte bank of stoel om gewoon te genieten van dat zondagsgevoel mét zon.

Het was gisteren laat dankzij weer een prachtige MartHa!tentatief-avond. Ik wist deze keer van niets en was dus aangenaam verrast toen Wim Helsen Johan Petit bleek te vervoegen in een zoektocht naar dé grootste wijsheid van allemaal. Ze battelden met wijsheden en woorden en dankzij de interactie met het publiek én de aanvulligen door enkelen van hen, werd er echt iets nieuws en mooi gecreëerd. Ik ben dus absoluut aangenaam verrast, maar ik heb mezelf wel teleurgesteld. Er werd namelijk gevraagd aan mensen uit het publiek om te vertellen wat een bepaalde wijsheid voor hen betekent. Ik had eigenlijk heel graag verteld over 'all things are possible' omdat het voor mij oprecht een waarheid als een koe is. Een waarheid die me zelfs recht houdt af en toe. 'When nothing is sure, everything is possible' is lang mijn persoonlijke mantra geweest. Een mantra die mijn broer levend hield. Die mij in leven hield. Die me toestond weer te lachen en naar avonden zoals deze te gaan. Maar ik twijfelde en dat deed me de das om. Ik was te laat. Bij deze een plechtige belofte aan mezelf: de volgende keer dat ik twijfel, ga ik er gewoon voor enne... all things are possible, op een dag sta ik nog wel eens op het podium van den Bourla (of ergens anders)...

Maar dus, met een boek en dat gevoel van spijt onder mijn arm liep ik door het park. En ik bedacht me dat ik niet zo streng voor mezelf moest zijn. Durven kent vele gezichten en ik toonde alvast dat ik durf heb met een mooie illustratie van de huidige wijsheid der wijsheden 'all things are possible': ik besliste niet alleen om te gaan reizen (zie hier), ik besliste om er een jaar op uit te trekken. Op mijn eentje. De grote, wijde wereld in.

Waar ik precies naartoe ga en wanneer ik exact vertrek ligt nog niet vast, maar nog dit jaar vertrek ik. En ik denk niet dat ik ooit al zo zeker geweest ben van iets als van deze beslissing. Alle angst, alle redenen om het niet te doen, alle obstakels lijken miraculeus verdwenen te zijn. Zoals vandaag de winter. En dus hoorde ik mezelf even later in het zonnetje met mijn boek aan iedereen die het horen wilde, vertellen dat ik zou vertrekken. Ik durfde dan misschien nog net niet het podium opstappen, de wijde wereld instappen, daar ben ik helemaal klaar voor!